Hersenen en suiker
Is suiker echt zo slecht ?
Hersenen hebben brandstof nodig. De enige brandstof waar hersenen op draaien is glucose. Voldoende glucose is nodig voor het vermogen van de hersenen om informatie op te slaan en op te halen. Het is dus belangrijk dat het glucosegehalte van het bloed een juiste hoeveelheid bevat om de hersenen te laten functioneren. Zowel een te hoog als een te laag gehalte aan glucose in het bloed is nadelig voor de hersenfuncties van uw kind.
Sommige voedingsmiddelen die koolhydraten bevatten zorgen voor een constante glucosespiegel in het bloed. Dit zijn vooral de niet geraffineerde koolhydraat- bronnen zoals aardappels, granen en graanproducten, fruit en zuivelproducten.
Zij zorgen voor een constant glucosegehalte en dit schept een grotere mentale gelijkmatigheid. Daarnaast zal er meer acetylcholine gemaakt worden. Deze neurotransmitter zorgt voor verbetering van het geheugen.
Het nadeel van geraffineerde suiker (in snoep, koek, zoet broodbeleg en frisdrank) is dat het de bloedsuikerspiegel plotseling heftig laat stijgen (hyperglycemie), waarop het lichaam reageert met een grote afgifte van insuline om de bloedsuiker te laten dalen. Het gevolg is dat uw kind in een hypoglycemie terechtkomt. Dat is een bloedsuikerspiegel die lager ligt dan de optimale waarde voor het lichaam van uw kind.
Is dat dan zo erg ?
Voor het functioneren van het brein heeft dat de nodige consequenties.
Het vermogen om informatie op te slaan en op te halen daalt, waardoor de leerprestaties afnemen.
Daarnaast zijn hoge insulinespiegels schadelijk voor de activiteit van de synapsen, waardoor de overdracht van boodschappen tussen de cellen verstoord raakt en dus de hersenwerking en het geheugen aangetast worden.
Wat merk ik daarvan bij mijn kind ?
Vooral wisselende stemmingen en/of driftbuien zijn een aanwijzing dat uw kind last zou kunnen hebben van schommelingen in de bloedsuikerspiegel. Of juist vragen om iets te eten terwijl de maaltijd nog maar kort geleden was. Maar ook andere symptomen kunnen daarop wijzen: concentratiestoornissen, huilbuien, vergeetachtigheid of juist hyperactiviteit.
Aan de hand van de anamnese zal ik samen met u uitzoeken of uw kind last heeft van verstoringen in de bloedsuikerspiegel en indien dit het geval is, de behandeling daar mede op afstemmen.
Citaat
Suiker wordt door ondoordacht gebruik sterker dan je karakter
(Sonja Kimpen)
